2.6.2 Referentiesysteem

From Geonovum Wiki
Jump to: navigation, search
2 Metadata

2.1 Introductie Metadata

2.1.1 Wat is metadata?
2.1.2 Waarom metadata?
2.1.3 Wat kun je ermee?
2.1.4 Waar vind je metadata?
2.1.5 Toepassingen
2.1.6 Opdracht discovery

2.2 Metadata standaarden

2.2.1 Waarvoor is een standaard?
2.2.2 Standaarden voor geo informatie
2.2.3 Metadata standaarden
2.2.4 INSPIRE
2.2.5 Opdracht standaarden

2.3 Metadata in het werkproces

2.3.1 Hoe maak je metadata?
2.3.2 Hoe maak je metadata van services?
2.3.3 Waar in werkproces?
2.3.4 Tips voor inwinnen metadata
2.3.5 Publiceren van metadata
2.3.6 Harvesten
2.3.7 Valideren
2.3.8 Opdracht werkproces

2.4 Metadata elementen

2.4.0 Metadata elementen overzicht
2.4.1 Titel van de bron
2.4.2 Samenvatting
2.4.3 Status
2.4.4 Hiërarchieniveau
2.4.5 URL
2.4.6 Protocol
2.4.7 Naam
2.4.8 Unieke Identifier van de bron
2.4.9 Taal van de bron
2.4.10 Onderwerp
2.4.11 Trefwoord
2.4.12 Thesaurus
2.4.13 Thesaurus datum
2.4.14 Thesaurus datum type
2.4.15 Minimum x-coördinaat
2.4.16 Maximum x-coördinaat
2.4.17 Minimum y-coördinaat
2.4.18 Maximum y-coördinaat
2.4.19 Temporele dekking
2.4.20 Datum van de bron
2.4.21 Datum type van de bron
2.4.22 Niveau kwaliteitsbeschrijving
2.4.23 Algemene beschrijving herkomst
2.4.24 Toepassingsschaal
2.4.25 Resolutie
2.4.26 Code Referentiesysteem
2.4.27 Verantwoordelijke organisatie voor namespace referentiesysteem
2.4.28 Conformiteitindicatie met de specificatie
2.4.29 Verklaring
2.4.30 Specificatie
2.4.31 Specificatie datum
2.4.32 Specificatie datum type
2.4.33 Juridische toegangsrestricties
2.4.34 Overige beperkingen
2.4.35 Veiligheidsrestricties
2.4.36 Gebruiksbeperkingen
2.4.37 Verantwoordelijke organisatie bron
2.4.38 Verantwoordelijke organisatie bron: e-mail
2.4.39 Verantwoordelijke organisatie bron: rol
2.4.40 Metadata unieke identifier
2.4.41 Parent unieke identifier
2.4.42 Verantwoordelijke organisatie metadata
2.4.43 Verantwoordelijke organisatie metadata: rol
2.4.44 Verantwoordelijke organisatie metadata: e-mail
2.4.45 Metadata datum
2.4.46 Taal van de metadata
2.4.47 Metadata standaard naam
2.4.48 Metadata standaard versie
2.4.49 Opdracht metadata voor data

Metadata elementen nieuw in versie 1.3

Hiërarchieniveau naam
Karakterset van de bron
Temporeel referentiesysteem
Naam distributie formaat
Versie distributie formaat
Specificatie distributie formaat
Type waarde
Topologische samenhang

2.5 Metadata elementen voor services

2.5.0 Metadata elementen voor services overzicht
2.5.1 Resource Title
2.5.2 Resource abstract
2.5.3 Resource type
2.5.4 Resource locator
2.5.5 Connect Point Linkage
2.5.6 Coupled resource
2.5.7 Scoped Name
2.5.8 Coupling Type
2.5.9 Spatial data service type
2.5.10 Service Type Version
2.5.11 Operation Name
2.5.12 DCP
2.5.13 Keyword value
2.5.14 Originating controlled vocabulary
2.5.15 Geographic location
2.5.16 Temporal Reference
2.5.17 Spatial resolution
2.5.18 Degree
2.5.19 Specification
2.5.20 Constraints
2.5.21 Conditions applying to access and use
2.5.22 Responsible party
2.5.23 Responsible party role
2.5.24 Metadata point of contact
2.5.25 Metadata language
2.5.26 Metadata date
2.5.27 De link naar de metadata van de dataset en dataset series vanuit de service
2.5.28 Opdracht metadata voor services

Metadata elementen nieuw in versie 1.2

Protocol
Scope
Explanation
metadata identifier
Metadata standaard naam
Metadata standaard versie



2.6 Wat je ook moet weten

2.6.1 Omgrenzende rechthoek
2.6.2 Referentiesysteem
2.6.3 Gebruiksvoorwaarden
2.6.4 Optionele set metadata van data
2.6.5 Meertaligheid metadata
2.6.6 Object- en attribuutinformatie
2.6.7 Richtlijnen voor sectoren
2.6.8 Metadata uitwisselen


Bij ruimtelijke informatie zijn de gegevens gekoppeld aan locaties op aarde. Uiteraard is de vorm van de aarde het uitgangspunt voor coördinaatsystemen. Alle punten liggen namelijk op het gekromde aardoppervlak. Deze vorm is met al zijn bergen en dalen onmogelijk perfect wiskundig te beschrijven. 

Afwijking aarde.jpg
Drie-dimensionale weergave van de geoïde waarop undulaties aangegeven zijn met kleur. Rood zijn plaatsen waar de geoïde hoger is, blauw waar hij lager is dan een perfecte ellipsoïde.


Een grove benadering is een bol, maar doordat de aarde bij de polen is afgeplat, is een driedimensionale ellips, een zogenaamde ellipsoïde, een betere benadering. Een ellipsoïde voor wereldwijd gebruik heeft tot doel het gehele aardoppervlak zo goed mogelijk te beschrijven. Er kunnen echter ook ellipsoïdes gedefinieerd worden met een iets ander middelpunt, een iets andere oriëntatie en een iets andere vorm, die zo goed mogelijk bij een bepaald gedeelte van het aardoppervlak passen. Voor Nederland is in de negentiende eeuw de Bessel-ellipsoïde gedefinieerd.
Een voorbeeld van een ellipsoïde is de WGS84-ellipsoïde, het referentiestelsel van het GPS-systeem. Coördinaten op zo’n wiskundig lichaam zijn geografische coördinaten.
Een punt op aarde wordt daarbij beschreven door een lengtegraad ϕ en een breedtegraad λ ten opzichte van het middelpunt van de bol of de ellipsoïde.

Elipsoide.jpg

Lengte- en breedtegraden kunnen afgebeeld worden op een plat vlak met loodrechte coördinaatassen. Op de x-as staat dan meestal lengte, op de y-as de breedte. Elk blokje van de bovenstaande figuur wordt dan afgebeeld als een vierkantje. De werkelijkheid wordt daarbij vervormd, want de verticale lijnen (de meridianen) komen in de buurt van de polen steeds dichter bij elkaar te liggen. In het kaartvlak lijkt de afstand tussen bijvoorbeeld de vijfde en de zesde lengtegraad op 52o noorderbreedte (ter hoogte van Arnhem) even lang te zijn als de afstand tussen de vijfde en de zesde lengtegraad op 53o noorderbreedte (ter hoogte van Assen). In werkelijkheid verschillen deze afstanden echter meer dan anderhalve kilometer van elkaar. Kortom: in de kaart kunnen geen met de werkelijkheid overeenkomende maten voor hoeken, afstanden en oppervlaktes worden gemeten. Hoe groter het gebied is dat wordt afgebeeld, hoe groter de vervormingen in het kaartvlak zijn.


In de loop der tijd zijn er veel slimme methodes bedacht om geografische coördinaten naar coördinaten in een plat vlak om te rekenen, waarbij het doel steeds was de vervormingen zo klein mogelijk te maken. Deze rekenkundige methodes worden kaartprojecties genoemd. Welke kaartprojectie het meest geschikt is, hangt af van de toepassing en van de grootte, de vorm en de positie op aarde van het af te beelden gebied. Maar kaartprojecties zonder enigevervorming bestaan niet.


Coördinaten kunnen dus gegeven zijn op een ellipsoïde (meestal lengte en breedte), of in een kaartvlak (meestal x en y). Waar de omrekening van ellipsoïde naar kaartvlak kaartprojectie wordt genoemd, heet de omrekening tussen verschillende ellipsoïdes datumtransformatie.

Transformatie.jpg


In de Nederlandse situatie wordt veel gebruik gemaakt van de systemen RD (geprojecteerd),WGS84/ETRS89 (ellipsoïdisch) en UTM (geprojecteerd vanuit ED of vanuit WGS84/ETRS89). RD-coördinaten zijn in principe alleen in Nederland geldig.

Referentietext.jpg