3.2.1 Nationale Geo-Informatie Infrastructuur

From Geonovum Wiki
Jump to: navigation, search


Het concept Geo-Informatie Infrastructuur

NGII als netwerk van data, services en applicaties















Vanuit de geo-wereld is het concept van de Geo-Informatie Infrastructuur (GII) leidraad voor het vergoten van de eenvoudige toegang tot en de eenduidige ontsluiting van geo-informatie(bronnen) via open standaarden. Het GII concept omvat hiervoor een specifiek op geo-informatie gericht concept, dat wereldwijd wordt toegepast. Dit leidt tot wereldwijde, nationale, regionale, lokale en enterprise GII’s. Zo is INSPIRE de Europese GII voor milieutoepassingen.

Een GII wordt gekenmerkt door de mogelijkheiden om data vanaf de bron(houder) via uniforme interfaces uit te wisselen (via databases, services en applicaties). Daarbij zijn duidelijk afspraken gemaakt over welke geo-informatie, op welke wijze en onder welke voorwaarden ter beschikking worden gesteld (zie figuur componenten van de NGII). Er zijn diverse definities van een Geo-Informatie Infrastructuur in omloop.

componenten van de NGII

















De Geo-Informatie Infrastructuur als concept bestaat uit het geheel van geo-informatie(geo-data), standaarden, toegang & netwerk services, mens & organisatie en beleid voor de efficiënte uitwisseling van en toegang tot geo-informatie.


Belangrijke eigenschappen (inrichtingsprincipes) van een GII zijn:

  • enkele opslag bij de bron en meervoudig gebruik;
  • scheiding applicaties, services en data;
  • uitwisseling via open standaarden (ISO/OGC/W3C).


Componenten van de NGII




















Het GII concept is gebaseerd op de gedistribueerde ontsluiting van diverse geo-informatie(bronnen) via internationale open standaarden van het Open Geospatial Consortium (OGC). Dit werkt nauw samen met de International Organization for Standardisation (ISO). Het GII concept en haar onderdelen zijn hiernaast weergegeven. In Nederland zijn diverse (gedistribueerde) geo-informatiebronnen aanwezig. Vanuit verschillende gedistribueerde geo-informatiebronnen (data) wordt geo-informatie via diensten (services) en via verschillende distributiekanalen (portalen, applicaties, databases etc.) toegankelijk gemaakt voor de gebruikers. Door de uitwisseling van geo-informatie te enten op standaarden, specificaties en afspraken is het mogelijk om de uitwisseling open, efficiënt en effectief te laten plaatsvinden richting diverse groepen gebruikers. Geo-informatie kenmerkt zich door haar meervoudige gebruik in uiteenlopende toepassingen. Om een nationale GII tot stand te brengen is meer nodig dan alleen technologie. Ook beleid, wetgeving, organisatie en mensen, innovatie en kennis, samenwerking en beheer, een implementatieprogramma en roadmap zijn van belang. Een GII zorgt vooral voor efficiënte(re) uitwisseling van geo-informatie binnen en tussen organisaties.

 

Een NGII-project kan beschouwd worden als een project, waarin binnen de context van één of meerdere componenten van de NGII, een wijziging moet plaatsvinden voor een nieuwe dienst, een nieuw bedrijfsproces, nieuwe vormen van samenwerking of een nieuw informatiesysteem, applicatie of portal met een geografische component.


Wet- en regelgeving

De wijze waarop de inwinning, bijhouding, verspreiding en het gebruik van geo-informatie is georganiseerd is een van de belangrijkste aspecten van een GII. We hebben het dan niet alleen over de bereidheid van organisaties om gegevens te delen maar ook over de coördinatie van de GII en de randvoorwaarden waar rekening mee moet worden gehouden. 

Het vastleggen van taken van verschillende organisaties en eisen waaraan gegevens en services moeten voldoen kan de kwaliteit van de gegevens, de uitwisseling van gegevens en het gebruik ervan bevorderen. Een manier om dit te regelen is via wet- en regelgeving.


Wet- en regelgeving met betrekking tot geo-informatie is veelzijdig en heeft betrekking op diverse aspecten van de Geo-Informatie Infrastructuur. Zo zijn het Nederlandse stelsel van basisregistraties en de transpositie van het Europese INSPIRE in de Implementatiewet EG-richtlijn infrastructuur ruimtelijke informatie voorbeelden van veelomvattende wetgeving. Deze wetten stellen eisen aan zowel de kwaliteit van de gegevens als aan het gebruik ervan. De basisgedachte van beide wetten is dat gegevens zoveel mogelijk bij de bron moeten blijven. Het GII adagium “eenmalig inwinnen, meervoudig gebruiken” wordt zo zoveel mogelijk gestimuleerd. Er zijn voor de zes basisregistraties authentieke gegevens gedefinieerd. Dit zijn gegevens waar de overheid op moet vertrouwen en ze moeten dan ook verplicht gebruikt worden door overheden. Mede door middel van verplichte feedback moet een hoogwaardige kwaliteit bereikt worden die door de hele overheid eenduidig uitgewisseld moet kunnen worden.

De 34 INSPIRE thema’s omvatten meer dan de zes geo-basisregistraties. Niet alleen worden door INSPIRE eisen gesteld aan de interoperabiliteit van de gegevens ook aan de wijze waarop ze beschikbaar moeten worden gesteld via services (raadplegen, viewing, downloading, transpositie, invoking). Meer informatie over de Europese INSPIRE wetgeving en infrastructuur is te vinden via: http://inspire.jrc.ec.europa.eu/. Het INSPIRE programmabureau voor de invoering van INSPIRE in Nederland is gevestigd bij Geonovum.

Ten slotte heeft het Kadaster als één van de weinige organisaties in de wereld de wettelijke taak om de geo-informatie infrastructuur te bevorderen.


Wet- en regelgeving stelt ook randvoorwaarden aan het gebruik van geo-informatie. We hebben het dan vooral over de relatie tussen geo-informatie en informatierecht. Het informatierecht betreft de regelgeving die zich speciaal richt op informatie. Door de informatisering van onze samenleving hebben zich in het rechtsgebied de afgelopen decennia grote ontwikkelingen voorgedaan. Belangrijke onderwerpen betreffen vragen als: “van wie is de informatie" (ntellectueel eigendom, auteursrecht en het databankrecht), "wie is aansprakelijk voor fouten in de informatie", "welke bescherming heeft degene over wie de informatie verzameld is" (privacy) en "moet de overheid bepaalde informatie beschikbaar­ stellen" (openbaarheid), en "onder welke voorwaarden" (hergebruik). De Auteurswet, de databankenwet, de Wet bescherming persoonsgegevens (privacy) en de Wet Milieubeheer (openbaarheid) en de Wet openbaarheid van bestuur (openbaarheid en hergebruik) geven de Nederlandse kaders aan. Specifieke wetten zijn de Wet op het KNMI en de Kadasterwet die de toegankelijkheid van gegevens van het KNMI en het Kadaster regelen. Hetzelfde geldt voor de Wet ruimtelijke ordening (Wro) (toegankelijkheid van ruimtelijke plannen), Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen (Wkpb), en de Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netwerken (grondroerdersregeling).

Vooral het informatierecht is de afgelopen jaren sterk beïnvloed en vormgegeven door Europese regelgeving. De databankenwet volgt uit de Directive 96/9/EC on the legal protection of databases, de Wet bescherming persoonsgegevens uit de Directive 95/46/EC on the protection of individuals with regard to the processing of personal data and on the free movement of such data. Het hergebruiksdeel van de Wet openbaarheid van bestuur volgt uit de Directive 2003/98/EC on the re-use of public sector information. De Wet Milieubeheer volgt deels uit de Directive 2003/4/EC on public access to environmental information. Ook kunnen de Data Retention Directive 2006/24/EC over het bewaren van het locatiegegeven van telecommunicatie en de Directive 2002/58/EC on privacy and electronic communications worden genoemd. Ten slotte speelt de discussie over de mogelijkheid voor overheden om publieke gegevens te vermarkten al een decennium. Het wetsvoorstel Aanpassing Mededingingswet ter invoering van gedragsregels voor de overheid (nr. 31354) zou hier meer duidelijkheid over moeten geven.


Meer informatie over geo-informatierecht is te vinden in:

  • Geo-informatie: wat is het en wat is de juridische context? Geschreven door B. van Loenen, J.A. Zevenbergen, J. de Jong (2008).
  • Recht en locatie; geo-informatie in een juridische context (pp. 11-33). Geschreven door L. van Wees en S. Nouwt (Eds.). Den Haag: Elsevier Juridisch (Reed Business bv)


Beleid 

GIDEON is één samenhangende infrastructuur met alle publieke geografische informatie, beschikbaar voor iedereen. Het is een basisvoorziening waar VROM, samen met andere departementen en andere overheden, bedrijven en kennisinstituten aan werkt. Minister Cramer (Ruimtelijke Ordening en Milieu) heeft op 2 juni 2008 Gideon aan de Tweede Kamer aangeboden. Het is in 2011 klaar.

Gideon.PNG














Geo-informatie heeft betrekking op vrijwel alle grote maatschappelijke vraagstukken, zoals mobiliteit, zorg, openbare orde en veiligheid en ruimtelijke ordening, maar deze informatie is nu nog niet via één systematiek beschikbaar. Bovendien is het nog niet goed onderling uit te wisselen of te combineren, waardoor er nog onvoldoende gebruik van wordt gemaakt.


Samen ontwikkelen
VROM ontwikkelt één basisvoorziening voor geo-informatie: Gideon. Vrom doet dit samen met partijen die zitting hebben in het GI-beraad, bijvoorbeeld departementen, Kadaster, andere overheden, bedrijven en kennisinstellingen. Het wordt een infrastructuur die vrij toegankelijk is voor iedereen: burgers, bedrijven en instellingen kunnen hierdoor kansen, diensten en producten beter ontwikkelen. Zo helpt Gideon de administratieve lasten voor bedrijven terug te dringen en de overheidsdienstverlening aan burgers te verbeteren.


Stap voor stap
De invoering van Gideon moet in 2011 klaar zijn. Het kiest daarbij niet voor een vooraf vastgestelde blauwdruk, maar voor een stap-voor-stap opbouw om successen te versterken en ontbrekende kennis en kunde aan te vullen. De uitvoering blijft bij de geografische sector zelf.


Het rapport 'Gideon Basisvoorziening geo-informatie Nederland' is beschikbaar in het Nederlands en het Engels.


Dit nationale beleid wordt vertaald als randvoorwaarden/invulling van GII-projecten. GII-projecten zijn beleidsuitwerkingen.

Gideon is aan ander beleid gekoppeld waaronder Europees beleid zoals INSPIRE, GMES, PSI, etc.

Werk-in-uitvoering.png





Technologie

Metadata, informatiemodellen en services

Voor de manier waarop in een NGII wordt omgegaan met metadata, informatiemodellen en services wordt verwezen naar de onderdelen van deze online wiki.

Een goed internationaal voorbeeld hiervan is het SDI Cookbook (Nebert 2004). Dit is als wiki beschikbaar.

Standaarden en specificaties voor harmonisatie

Voor standaarden voor de technische inrichting van een NGII-project wordt verwezen naar het Framework voor geo-standaarden. Hierin zijn de semantische en interoperabiliteitsstandaarden en specificaties opgenomen die nodig zijn voor de technische inrichting van een NGII-project.

Het kenmerk van de harmonisatie is de uniforme afstemming en invulling van de informatielaag van de GII: het gaat om het eenduidig specificeren van de benodigde geo-informatiebronnen en -objecten en de bijbehorende meta-informatie. Tevens is hier aandacht nodig voor de onderlinge afstemming, bekeken vanuit het perspectief van de uitwisseling van geo-informatie en het gebruik ervan. Dit zijn relevante aspecten om deze informatiebronnen op een eenduidige wijze toegankelijk te maken. Eenduidig betekent, dat aspecten zoals unieke identificatie van datasets en objecten, transacties, semantiek en ontologie, schaalniveau en kwaliteit op elkaar worden afgestemd en helder worden vastgesteld. Het vinden van aansluiting bij nationale en internationale geo-informatiestandaarden is cruciaal. De harmonisatie van diensten betekent, dat richtlijnen worden gekozen voor de netwerkdiensten (zogenaamde profielen). De samenwerkende netwerkdiensten geven via een geo-portaal toegang tot het publiceren, zoeken, vinden en ophalen van de geo-informatie in de vorm van kaarten. De netwerkdiensten of services beschikken over gestandaardiseerde interfaces, die voor het geo-domein zijn gespecificeerd door diverse standaardisatie-organisaties (vooralCEN, ISO, OGC en W3C) en de Europese profielen van de Europese kaderrichtlijn voor geo-informatie INSPIRE. Netwerkdiensten in een GII maken geo-informatie op eenvoudige wijze vindbaar (catalog services), visualiseerbaar (mapping services), selecteerbaar (filter encoding services) en eenduidig toegankelijk (AAA en e-commerce services) op een beveiligde wijze (security services). Via een conformance test services kan een knooppunt een interoperabiliteitstoets uitvoeren.

Afspraken over ter beschikkingstelling en levering

Een cruciaal onderdeel van de GII is het maken van de afspraken over de toegang tot en het gebruik van de geo-informatie. Met de toegang tot geo-informatie wordt het geven van toegang aan organisatie bedoeld tot het bieden van de geografische diensten. Als het gaat om het gebruik van geo-informatie dan zijn afspraken nodig over het bestellen en afrekenen van het gebruik van geo-informatie. Ook zijn de afspraken met betrekking tot de gebruiksrechten en –voorwaarden van geo-informatie vastgelegd. Tot slot, is het meest evidente onderdeel het maken van duidelijke afspraken over het niveau van de beveiliging van de diverse informatiebronnen en –stromen.

Referenties

Geschreven door B. van Loenen (2006), Delft University of Technology (Delft: DUP Science).


previous Services Oriented Architecture (SOA) next