INSPIRE ID

From Geonovum Wiki
Jump to: navigation, search


Aan de slag met INSPIRE

Doelgroep
Processtappen
Deadlines
Bronnen
Over deze wiki

Aanmerking en Namespaces

Aanmerkingsregister
Namespace register

Inrichten organisatie

1. Dataharmonisatie

Documentatie dataharmonisatie
Principes dataharmonisatie
As-is versus geharmoniseerd
Prioritaire datasets (e-reporting)
Generic Conceptual Model
INSPIRE ID
Codelijsten
Portrayal
Geometrie
Data-validatie
Checklist dataharmonisatie
Control panel
Extensies
Thematic Clusters
FAQ Dataharmonisatie

2. Metadata

Metadata aanmaken
Waar moet mijn metadata aan voldoen?
Invulinstructie voor datasets
Voorbeeld XML voor INSPIRE dataset metadata
Prioritaire datasets
Metadata en Taal
Metadata-validatie
Geharmoniseerde Gebruiksvoorwaarden
FAQ Metadata

3a. Network Services

Informatie Network Services
Vereisten Services
Quality of Services
Rights Management Layer
Agree operation
RM en GeoGedeeld
View service maken
Recente wijzigingen specificaties
INSPIRE vereisten opnemen in een Capabilities document
Category Layers
Meertaligheid in een Capabilities document
Voorbeeld XML voor Capabilities
Portrayal
FAQ View Services
Download service maken
Recente wijzigingen specificaties Download Services
Download Service via Atom feed
Automatisch genereren van OpenSearch description
Download Service Pre-defined Datasets via WFS
Download Service Direct Access via WFS
Download service via WCS
Download service via SOS
FAQ Download Services
Metadata Services
Scenario's voor het aanmaken van service metadata
Invulinstructie voor services
Voorbeeld XML voor INSPIRE service metadata
Valideren Metadata Services
Valideren Services

3b. Spatial Data Services

Wat is een Spatial Data Service
Categorieën van Spatial Data Service
Bepalen categorie Spatial Data Service
Invocable Spatial Data Service
Interoperable Spatial Data Service
Harmonised Spatial Data Service
Metadata templates voor Spatial Data Service

4. Publiceren

Publiceren Inspire aanduiding

5. Validatie

6. INSPIRE vervolg

Monitoring en Rapportage

Veelvoorkomende vragen

FAQ Metadata
FAQ View Services
FAQ Download Services
FAQ Data Harmonisatie

Extra informatie

Terminologie
Normatief Kader TC 211
UML notatie


 


Inrichten organisatie 1. Data harmonisatie 2. Metadata 3. Services 4. Publicatie Inspire portal 5. Validatie


Unieke identificatie

Volgens de richtlijnen van INSPIRE moet elk object (feature) voorzien worden van een unieke identificatie: de InspireId Belangrijk hierbij is, dat de identifier uniek en persistent moet zijn. Persistent betekent, dat de identifier gedurende de levensduur van het object ongewijzigd moet blijven. Een InspireId bestaat uit de volgende onderdelen:

  • Namespace (verplicht)
  • LocalId (verplicht)
  • VersionId (optioneel)

Namespaces

Een namespace heeft als belangrijkste doel, dat het de ruimte definieert waar binnen de localId uniek is. Om te voorkomen, dat verschillende dataproviders dezelfde namespace gebruiken, en om consistentie te verkrijgen, is er in Nederland (en Europa) een zogenaamd Namespace Register opgezet. De namespace wordt geregistreerd in het nationale namespace register.

LocalId

Hoe maak je unieke id’s voor INSPIRE ruimtelijke objecten aan?

Elk ruimtelijk object van een datset (of dataset series) dat via INSPIRE toegankelijk wordt gemaakt, moet voorzien worden van een unieke identificatie zodat derden ondubbelzinnig aan het object kunnen refereren. Dataproviders dienen dus – buiten eventuele eigen ID’s die de organisatie gebruikt – de ruimtelijke objecten van een unieke INSPIRE identificatie te voorzien. Ook in hoofdstuk 14 ('Identifier management') van het Generic Conceptual Model wordt algemene uitleg gegeven over het gebruik van unieke identifiers. Per thema kunnen er nog specifieke uitbreidingen staan in paragraaf 5.2.1.4 van de data specificatie. Binnen INSPIRE datasets en dataset series heet de unieke code het InspireId. De dataprovider is verantwoordelijk voor het uitdelen van unieke identifiers (de localId). In de context van INSPIRE levert de combinatie van namespace en localId een unieke identifier op.

Uniform Resource Identifiers

Uniform Resource Identifiers (URI's) zijn de gestandaardiseerde manier om op het internet dingen (pagina's met informatie, objecten, datasets) uniek te identificeren. Dit kan door middel van een Uniform Resource Name (URN) of met een Uniform Resource Locator (URL). Bij een URN krijgt een ding een unieke naam toebedeeld. Bij een URL krijgt een ding een adres waarmee het op internet kan worden gevonden (de ons welbekende website adressen). Door URI's te gebruiken, kun je op een unieke manier naar een ding verwijzen en ze daardoor uniek onderscheiden. Het advies met de huidige stand van zaken is om stabiele http URI’s te gebruiken voor geo-objecten en datasets. Binnen INSPIRE en NEN3610 is afgesproken om op elk object op basis van de bestaande interne identifier een URI te geven, waarmee binnen de INSPIRE en NEN3610 context het object uniek te identificeren én op te vragen is. Lees ook de aanzet tot een nationale URI-Strategie op http://www.pilod.nl/wiki/Boek/URI-strategie

VersionId

Een InspireId kan ook een (optioneel) versionId hebben. Dit versienummer kan gebruikt worden als er van hetzelfde object op verschillende tijdstippen verschillende versies in omloop zijn die van elkaar onderscheiden moeten worden.